Onbestendigheid; een ooggetuige-verslag.

Onlangs beleefde ik een bizarre week waarin de onbestendigheid der dingen zich in volle omvang manifesteerde. Om mijn vader, moeder, zus en mezelf te helpen om de ingrijpende gebeurtenissen van die dagen een beetje op een rijtje te krijgen, heb ik ze opgeschreven. Ik heb er lang over getwijfeld of ik dit – puur persoonlijke - verhaal wel moest posten, maar omdat de essentie van bloggen wat mij betreft delen is, en omdat vele anderen door eenzelfde situatie zijn gegaan of nog zullen moeten gaan, heb ik besloten mijn ooggetuige-verslag toch met u te delen. Moge het andere mensen een beetje hoop, hulp en houvast geven…

M’n mobiel rinkelt. Ik zie dat het mijn vrouw is. Ik weet dat mijn vrouw me nooit zo maar belt, en dus neem ik op. Onze labradoodle leek die morgen voorzichtig te beginnen met bevallen, dus ik denk nog: die gaat me vast – voordat ik de hele dag vast zit in vergaderingen bij mijn opdrachtgever - even laten weten dat de eerste pup is geboren. Leuk. Ik hoor echter meteen in de eerste seconde aan de trillende toon van haar stem dat ze helemaal niet belt met leuk nieuws. ‘Kees, je vader heeft een hartinfarct gehad op de tennisbaan. Hij is gereanimeerd en onderweg naar het ziekenhuis. Je moet snel je moeder bellen’. Ik hoor mezelf stamelen. ‘Wát? Echt waar?’ Die had ik écht niet aan zien komen. Mijn pa is pas 67 en nog erg vitaal. Ik bel op de gang m’n moeder. Terwijl de telefoon overgaat kijk ik door een kleine raampje naar buiten. Ik zie dat het prachtig zomerweer is en dat iedereen zich voortbeweegt alsof er niets aan de hand is. Surreëel. M’n moeder neemt op. Ik hoor aan haar stem dat bij haar het nieuws al vol is ingeslagen. ‘Het is toch niet te geloven Kees?! Hij is gewoon in elkaar gezakt tijdens het tennissen. Je gelooft het toch niet?! Zo’n sportieve man’. Ik hoor hoe de stem van m’n moeder bij het zeggen van die woorden overslaat van emotie. ‘Papa wordt naar het OLVG (in Amsterdam) gebracht. Ik zie je daar’. Ik ben volledig in shock. Ik heb alles gehoord, maar kan en wil het niet geloven. Ik loop terug de kamer in en hoor mezelf zeggen: ‘Mijn pa heeft een hartinfarct gehad. Hij wordt op dit moment naar het ziekenhuis gebracht. Laten we die briefing even doorlopen, dan ga ik daarna naar hem toe’. Ik hoor dat de mensen bij mijn opdrachtgever tegen me zeggen dat ik meteen in de auto moet stappen, en dat ik helemaal niet nog even ‘gewoon’ die briefing ga fileren. Hun woorden dringen echter niet tot me door, en ik pak stoïcijns de briefing om er mee aan de slag te gaan. Pas als het me maar niet wil lukken om te lezen wat er in de briefing staat - omdat de woorden ongrijpbaar lijken te dansen - bemerk ik de arm die om me heen wordt geslagen: ‘Gozer, je pa heeft een hartinfarct gehad. Jij gaat naar het ziekenhuis. En wel nu’. Opeens is het besef er. Met een mokerslag mag ik wel zeggen. Ik ren naar m’n auto en spoed me naar Amsterdam. In de auto begin ik voor het eerst – maar zeker niet voor het laatst - te huilen. Ik voel enorm veel mededogen voor mijn vader; ik heb met hem te doen. Het zal je maar gebeuren. In het ziekenhuis aangekomen wordt ik verwezen naar de IC, de Intensive Care. Een vriendelijke verpleegkundige aldaar vertelt me dat mijn vader nog niet op de afdeling is gearriveerd, omdat hij – elders in het ziekenhuis – nog behandeld wordt aan zijn hart, en dat mijn moeder daar is. En dus neem ik in mijn eentje plaats in de speciale familieruimte. Het is een puur functioneel kamertje. Het is overduidelijk alleen maar gemaakt voor slechte gesprekken en slechts kortstondig verblijf. Er hangt een zware, nare energie. Er staan drie ongemakkelijke banken, de wanden zijn steriel wit en er staat een apparaat voor gratis koffie, thee en chocolade. Dat dan weer wel. Terwijl ik wacht op m’n moeder zie ik meerdere patiënten van en naar de IC worden vervoerd; stuk voor stuk zichtbaar op de grens van leven en dood balancerend. Onvoorstelbaar dat – terwijl buiten iedereen geniet van het mooie zomerweer – hier wordt gevochten op leven en dood. Het besef komt snoeihard binnen, en ik snik erop los. In mijn eentje. Een paar minuten later stapt mijn moeder de kamer binnen. Ze wordt vergezeld door Jos; mijn moeders broer en mijn vaders favoriete zwager. Ik geef m’n moeder een knuffel. Ik zie louter verbijstering in de roodomrande ogen van mijn moeder. Mijn moeder vertelt me dat mijn vader net geopereerd is, en dat hij straks naar IC komt. We proberen de gebeurtenissen eerder die ochtend te bevatten door ze keer op keer de revue te laten passeren, maar omdat we niet veel meer weten dan dat mijn vader een infarct heeft gehad op de tennisbaan en met spoed per ambulance vervoerd is, lopen we snel hetzelfde rondje. Mijn zus en zwager arriveren. Ook in hun ogen zie ik de schok en het verdriet. We wachten. De spoedeisende arts arriveert voor het slechtnieuws-gesprek. Ik heb het reeds vele malen gezien in films, documentaires en televisieseries. De praktijk blijkt bizar deja vu. Het voelt alsof ik in een film figureer. De jonge man vertelt ons in aardige maar afstandelijke bewoordingen dat mijn vader een hartinfarct heeft gehad, dat hij door omstanders is gereanimeerd en gedefibrilleerd, dat hij buiten bewustzijn is geraakt, dat hij begeleid door 2 ambulances – een standaardprocedure bij hartfalen – hier in het ziekenhuis is afgeleverd, dat er een stent in zijn kransslagader is geplaatst, en dat er nu 24 zéér onzekere uren wachten. De dokter vertelt dat de omstandigheden en het perspectief op herstel gunstig zijn – mijn vader is snel gereanimeerd en lag snel in een ziekenauto – waardoor de schade aan zijn hart beperkt lijkt, máár hij is niet bij kennis. En dat is niet goed. Ik hoor hem het woord ‘comateus’ uitspreken en schrik me rot. De dokter vertelt dat ze mijn vader daarom gaan koelen; dat ze zijn lichaamstemperatuur naar beneden brengen om de lichaamsfuncties en hersenfuncties op een zo laag mogelijk pitje te zetten. Over 24 uur gaan ze mijn vader vervolgens weer opwarmen, en dan volgt het moment van de waarheid; wordt hij wakker of niet?! Als hij wakker wordt kunnen we dan bekijken of-en-wat de eventuele schade aan zijn hersens is. We bestoken de dokter natuurlijk met 101 vragen, maar al snel wordt mij duidelijk dat er geen énkele duidelijkheid of zekerheid is, en dat dit de grootste, zwaarste oefening in onbestendigheid van mijn/ons leven gaat worden. We zullen 24 uur lang tussen hoop en vrees moeten leven. De dokter verlaat de familiekamer en vertelt ons dat mijn vader wordt geïnstalleerd op de IC en dat wij even later naar hem toe kunnen. We zullen worden opgehaald door een verpleegkundige. Dat even blijkt langer dan verwacht en uren te duren. We praten en praten en praten. Elke keer wordt hetzelfde onderwerp van een andere keer bekeken en besproken. Niemand had dit zien aankomen, maar achteraf waren er misschien toch wel wat voortekenen. Mijn moeder vertelt dat papa zich al dagen niet lekker voelde, maar ja… er stond weer een controle voor zijn – genezen - darmkanker in de agenda. Toch altijd weer spannend. Maar waarschijnlijk waren het dus helemaal geen tekenen van spanning. En vannacht was hij zelfs helemaal niet lekker. (Achteraf bleek dat mijn vader ’s nachts al een hartaanval had gehad). Het was mij ook al opgevallen dat mijn vader vorig weekend - de laatste keer dat hij bij mij in Drenthe op bezoek was - een vermoeide indruk maakte. Ik ga steevast de hei op met hem en een paar van onze honden, maar nu wilde slechts een kort rondje wandelen. Hij was een beetje moe. Niet verder bij nagedacht natuurlijk. Mijn moeder zit naast me in de familiekamer, en ik hoor dat ze wordt getormenteerd door haar gedachten. Hoop en vrees vechten hoorbaar op leven en dood in haar hoofd. Het ene moment zegt ze: ‘Het komt vast goed met hem, ik voel het. Het is een sterke man en een vechter’. Het andere moment hoor ik haar zeggen: ‘Het gaat vast helemaal fout, stel dat hij niet meer bij kennis komt of dat zijn hersens zo ernstig beschadigd zijn, dat hij naar een verzorgingstehuis moet’. Ik heb natuurlijk dezelfde gedachten, maar weet ondertussen door mijn boeddhistische beoefening een heel klein beetje hoe ik daar mee om moet gaan en probeer mijn moeder dan ook te helpen door haar over de basisbeginselen van mindfulness te vertellen: ‘Mam, je gedachten – onze gedachten - gaan je de komende 24 uur geen duidelijkheid of zekerheid geven. Die vertellen je alleen een verhaal, niet de waarheid. Je gedachten gaan alle kanten op. Je kunt ze niet tegenhouden, maar je kunt ze wel loslaten. Probeer je er niet te veel aan te hechten. Het zijn maar gedachten’. Ik hoop dat ze er iets aan heeft. We wachten. Onrustig. Ik voel de spanning en het verdriet door mijn lijf gieren. Er is niet veel voor nodig het tot uitbarsting te laten komen. Ik ontvang een SMS van mijn dochter. Ze schrijft dat ze heel veel van me houdt en erg verdrietig is. Ik jank. Mijn zus krijgt niet veel later een soortgelijk berichtje van haar zoon. Nog meer tranen. Dan zien we door de openstaande deur dat mijn vader de IC wordt opgereden. Alhoewel het maar een paar seconden duurt is het een beeld dat voor eeuwig op mijn netvlies is gebrand. Hij oogt zó kwetsbaar. Mijn moeder breekt. We janken. Dan worden we opgehaald door een IC-verpleger die ons probeert voor te bereiden op wat we gaan zien. ‘Uw man, uw vader ligt aangesloten aan allerlei apparaten. Dat kan overweldigend zijn’. Hij heeft niets teveel gezegd. Als we de kamer waar mijn ligt betreden en ik mijn vader zie liggen slaat de realiteit me keihard in het gezicht. Overal gaan draden en buizen in en uit mijn vader. Ik zie meerdere schermen waarop allerlei cijfers en grafieken heen en weer bewegen. Ik zie dat mijn vader wordt beademd en letterlijk in leven wordt gehouden door machines. Hij leeft bij gratie van techniek. Ik zie dat mijn vaders handen helemaal verkrampt zijn. Je kunt zien dat hij compleet is overvallen door het infarct. Hij heeft zich nog proberen te verzetten tegen het onvermijdelijke. Ik raak zijn handen aan en schrik van het feit dat ze zó koud zijn. Na een paar minuten nemen we afscheid van mijn vader. Ik heb een enorme behoefte om bij mijn gezin te zijn, en besluit terug te rijden naar Drenthe, in de wetenschap dat mijn moeder in goede handen is bij mijn oom en zus. De terugweg is twee uur aan één stuk door janken. Tussen de tranen door malen gedachten: het zal toch niet waar zijn, dat we zondag de laatste woorden met elkaar hebben gewisseld? Ik houd van mijn vader en kan/wil hem helemaal nog niet missen. Ik ben helemaal niet klaar om afscheid van hem te nemen. Het zal toch niet waar zijn dat mijn vader komt te overlijden? Hoe bestaat het dat je zo maar – in letterlijk één seconde – uit het leven valt? Ik merk dat de angst bezit van me neemt. Ik laat het los. Het mag er zijn. Ik probeer tussen het snikken door zo bewust en rustig mogelijk te ademen. Het lukt maar een beetje. Thuis wordt ik uitgebreid geknuffeld en getroost. Wat heb ik toch een fijn gezin! Ik ben altijd al stapelgek op mijn meiden, maar nu ervaar ik mijn onmetelijke liefde voor hen ongekend intens. Zo blijkt dat er midden in alle narigheid ook mooie momenten mogelijk zijn. Ik sla het bewust op. Ik zie dat de gebeurtenissen met mijn vader ook Marion aangrijpen. Ze houdt niet alleen ook heel veel van mijn vader; haar vader lag een aantal jaren geleden ook te vechten voor zijn leven op de IC. Het brengt de pijnlijke herinneringen bij haar terug. We praten nog wat, ik maak nog een boswandeling met een paar van onze honden, ik bel nog een paar keer met mijn moeder en ga proberen te slapen. Dat mislukt hopeloos. Ik val wel in slaap, maar wordt tientallen keren wakker. Iedere keer dat dit gebeurt denk ik hetzelfde: ‘Shit… het is geen droom. Het is echt gebeurd’. De volgende ochtend is het besef er helemaal. Ik begin de dag daarom met een heftig, hard huilen. Ik bel eerst mijn moeder en ook bij haar is het besef hard geland. Mijn dochters doen beneden ondertussen iets actiefs met hun verdriet. Mijn vrouw heeft op internet gelezen dat muziek een positieve bijdrage kan leveren aan bewustzijnsherstel, en dus vullen zij een iPod met opa’s favoriete muziek; een mix van o.a. Adele, Birdy, Kitaro, Neil Diamond en Mike Rowland. Ik neem de gevulde iPod mee en vertrek richting Haarlem om mijn moeder op te halen. Onderweg draai ik m’n vaders favoriete liedjes en barst ik regelmatig in snikken uit. Nooit geweten dat een mens zoveel traanvocht heeft. Terug in het ziekenhuis merk ik dat het mededogen dat ik als boeddhist al jaren in mezelf probeer te cultiveren, naar boven komt drijven. Ik merk dat er ruimte ontstaat voor het lijden van anderen naast mijn/ons eigen verdriet. Ik besef me dat wat wij als gezin meemaken, elke dag door vele andere gezinnen wordt doorgemaakt. Ik besef me dat er – precies op ditzelfde moment - vele vrouwen, dochters en zonen ergens in Nederland om het ongewisse lot van hun vaders vrezen. Ik besef me dat achter ieder van de 24 gevulde bedden in het IC van het OLVG hetzelfde grote verdriet schuil gaat. Ik denk aan mijn familie, vrienden en kennissen waarvan ik weet dat zij ditzelfde reeds hebben doorgemaakt. Ik word er stil en nederig van. Ik voel een diepe verbintenis. Weer een fel lichtpuntje in deze donkere dagen. Als ik met – letterlijk – knikkende knieën de IC betreedt, hoor ik van de verpleger dat mijn vader een goede nacht heeft gehad. Hij is stabiel. Zijn situatie is onveranderd. Dat blijkt al heel wat na zo’n heftig hartinfarct. We horen de informatie aan. Het valt mij op hoe liefdevol de verpleging met mijn vader omgaat. Alhoewel de hele sfeer van de IC mechanisch aandoet met al die machines en apparaten, zie ik met eigen ogen dat mijn vader niet behandelt wordt als object of patiënt maar als mens. Dat doet me goed. De verpleger vertelt ons dat het afkoelen gestopt is en dat mijn vader zichzelf aan het opwarmen is, en dat goed doet. Zo ken ik hem weer, denk ik; een harde werker! Mijn moeder begint tegen mijn vader te praten en het lijkt even of hij reageert. Zowel mijn moeder als ik zien duidelijk dat hij zijn oogleden en mond beweegt; ook al is het miniem. Een eerste sprankje hoop gloort. Omdat het nog uren – dagen zelfs - kan duren voordat hij bij kennis komt, gaan mijn moeder en ik na een tijdje weer huiswaarts. Ik neem voor vertrek nog een foto van mijn vader. Bij mijn schoonvader had ik gemerkt dat hij bij de verwerking van zijn verblijf op de IC behoefte had aan een bevestigend beeld. Omdat hij er zich niks van kon herinneren. Het kost me de grootste moeite om de camera stil te houden. Ik tril. Eenmaal in de auto bemerk ik weer op hoe bizar het is dat ons gezinsleven volledig op zijn kop staat en iedereen op straat gewoon met zijn of haar leven doorgaat. Ik zie mensen lachen. Ik zie mensen bepakt en bezakt op vakantie gaan. Ik ben me gewaar dat ik jaloerse gedachten en gevoelens heb. Het is o.k. Mijn moeder begint een lang en emotioneel gesprek: ‘Ik vind het zo zielig voor hem. Hij had zich zo op het kijken naar de Olympische Spelen verheugd’. Ik herken onmiddellijk het grote dat in deze kleine anekdote schuilt. We delen in alle eerlijkheid met elkaar dat we bang zijn dat pa het uiteindelijk niet zal overleven of ernstig beschadigd uit de strijd komt. We halen wat te eten bij de afhaalchinees en praten openhartig over mijn vader en vroeger. Ik ga naar huis. Ik merk dat het besef van die ene seconde op de tennisbaan met de minuut groter en groter wordt. Natuurlijk; mijn vader was een aantal jaren geleden al op sterven na dood door een agressieve vorm van darmkanker, maar toch was dat anders. Heel anders. Omdat kanker zich ontwikkelt, groei je als het ware in de situatie. Tegen de tijd dat het écht levensbedreigend is, ben je min of meer gewend aan het feit. Een hartinfarct is iets heel anders. Je loopt achter de feiten aan. Je begint dood, en dan is het daarna maar afwachten of je ooit nog levend wordt. De volgende dag bel ik ’s morgens vroeg mijn moeder. Pa heeft een onrustige nacht gehad. Het lijkt erop dat hij steeds meer begint te ontwaken en dat gaat gepaard met verzet tegen de beademingsbuis die hem in leven houdt. Hij wil deze eruit trekken, maar dat kan nog niet omdat hij nog niet zelfstandig kan ademen. Ik verplaats me in zijn situatie en stel me voor hoe verschrikkelijk het moet zijn dat je een beetje bij bewustzijn komt en ervaart dat je er bij ligt zoals hij er bij ligt. Ik krijg er spontaan rillingen en duizelingen van. Een paar uur later gaat mijn telefoon. Ik zie op het schermpje dat het mijn zuster is. Ze komt meteen to the point: ‘Hij is wakker Kees! Hij is wakker. Hij is wakker’. Ik voel een golf van opluchting door mijn hele lijf trekken. Mijn vader is een paar minuten voor het bezoekuur bij kennis gekomen en ademt zelfstandig. Hij reageert op prikkels en heeft zelfs al voorzichtig wat gezegd. Ook het goede nieuws komt hard aan. Ik kan nauwelijks meer op mijn benen staan. Ik val Marion om de hals. En jank. Die dag druppelen de berichten uit Amsterdam binnen, en steeds worden ze een stukje positiever. Totdat ik ’s avonds zelfs krijg de horen dat ik morgen bij het bezoekuur niet meer naar de IC moet komen, maar naar de afdeling cardiologie. Papa is buiten levensgevaar. Het is toch niet te geloven?! Hij gaat het overleven. De volgende dag ga ik samen met mijn oudste dochter naar het ziekenhuis. Ik tref mijn vader slapend aan. Hij ziet er gehavend uit. Ik geef hem een kus en hij wordt wakker. Hij herkent mij en zijn kleindochter meteen, maar komt nog verward over. Zijn kortetermijngeheugen laat hem duidelijk nog in de steek. Maar goed, als dat het ergste is?! Opeens zegt hij: ‘Ik heb een hartinfarct gehad’ en begint te huilen. Mijn dochter en ik troosten hem. Ik kan me niet heugen dat ik mijn vader heb zien huilen. Niet veel later zie ik hem voor de eerste keer sinds het infarct ook weer lachen. Pap ligt naast een nog maar 49jarige man wiens hart 5 bypasses heeft gekregen. De man zegt spijt te hebben van zijn ongezonde levensstijl en het feit dat hij nooit heeft gesport. Mijn vader zegt – gevat zoals ik hem ken – dat sport ook niet alles is; hij heeft immers een infarct gekregen tijdens het tennissen. Hartinfarct-humor. Je moet er van houden. We babbelen nog een beetje en ook hier verbaas ik me er weer over dat het verplegend personeel zó ontzettend aardig is. Ik stap voldaan in de auto terug naar Drenthe. Ik kijk onderweg een paar keer stiekem naar mijn dochter. Ik besef me dat ik voor haar ben wat mijn vader voor mij is. Ik ben diep ontroerd. De uren en dagen daarna gaat het gestaag beter met mijn vader. De pijn die de afgelopen dagen alom aanwezig was, transformeert zich langzaam maar zeker tot plezier. Dat is een moeilijk proces. Het is één om te wennen aan het idee dat je vader een hartinfarct heeft gehad en op sterven ligt; het is vervolgens weer van een heel andere orde om je vader helemaal te zien herstellen. De piek lijkt hoger en moeilijker te beklimmen na een diep, diep dal. Het is raar dat het bijna lijkt alsof er niets gebeurd is. Terwijl alles verandert is. Ik merk dat ik zoveel onbestendigheid in zo’n korte tijd nauwelijks aankan. Het grote, GROTE geluk dat mijn vader – en onze familie - gegund is begint te dagen en de overhand te krijgen. Ik ben vooral zó blij voor mijn moeder. We horen steeds meer over de context van het hartinfarct. Mijn vader heeft 3x - gestapeld - geluk gehad. Het is dat het echt gebeurd is, want het grenst aan het onwaarschijnlijke. Ten eerste blijkt mijn vader toevallig te hebben getennist naast een verpleegster die niet alleen meteen zag dat het helemaal mis was, maar ook precies wist wat zij moest doen. Mijn vader werd daarom vrijwel onmiddellijk – vaardig - gereanimeerd. Dan blijkt ten tweede dat er toevalligerwijze net een spiksplinternieuwe defibrillator hing in de kantine van de tennisclub, waardoor mijn vader – wederom snel – kon worden geshocked. En last but not least lag de tennisclub ook nog eens zo’n beetje pal naast een dependance van de ambulance, waardoor mijn vader wederom snel in een ziekenauto lag. Schakel één van deze factoren uit en mijn vader had het zeker niet overleeft. Als mijn vader het ziekenhuis mag verlaten, krijgen we te horen van de cardioloog dat van de 100.000 mensen die getroffen worden met een infarct zoals dat van mijn vader, er letterlijk 1 is dit overleeft. Mijn vader is de uitzondering die de regel bevestigt. Het is een wonder. Niet meer en niet minder. Een diepe, diepe buiging is op z’n plaats. Ik voel een enorme dankbaarheid. Eerst en vooral natuurlijk voor het feit dat mijn vader nog in levende lijve in ons midden is, en we hopelijk nog jaren van zijn aanwezigheid en gezelschap kunnen genieten. Ik voel ook dankbaarheid voor de intense, intieme momenten die zware, zwarte week júist ook had. En last but not least voel ik dankbaarheid voor de wijsheid die het me heeft gebracht. Ik dacht oprecht dat ik me bewust was van de onvermijdelijkheid van de dood en de onbestendigheid en kwetsbaarheid van het leven, maar nu is gebleken dat dit slechts relatief was. Onbestendigheid heeft een gezicht gekregen. En wat maakt dat een verschil zeg! Het is daardoor geen abstract begrip meer, maar een levende realiteit geworden die ik in mijn hele lijf ervaar. Onbestendigheid is écht een feit. De dood is echt écht. De dood verdient écht het volste ontzag en respect. Het lijntje tussen leven en dood is écht een kwestie van maar een seconde. Je weet écht nooit wanneer die seconde komt die je leven beëindigt. De dood is er écht zo maar opeens. Tussen pijn en plezier ligt écht maar een heel dun lijntje. Het leven – en de dood - besturen ons écht. Je bent écht volstrekt machteloos. Ik heb deze one liners natuurlijk ook allemaal reeds vele malen gehoord. Ik heb de teachings die boeddhistische leraren me hebben gegeven over de heilige relatie tussen leven en dood ijverig bestudeerd, maar in deze week is het écht beoefening geworden, en kan ik deze prachtige én vreselijke wijsheid recht in het gezicht kijken. I got the message!

Precies een week nadat mijn vader voor dood neer is gevallen op de tennisbaan, hebben we een gesprek via Skype. Hij ligt op de bank. Hij is moe zegt ie, en praat hoorbaar zachtjes en moeilijk. Zijn haar lijkt grijzer geworden en zijn gezicht ziet er een beetje ingevallen uit. Ik hoor op de achtergrond dat de televisie aanstaat. De Olympische Spelen staan op….

Reacties   

 
#11 Onbestendigheid ; een ooggetuige-vers lag.Guest 30-01-2015 07:31
I know this website offers quality depending articles or reviews and other material, is there any other web page which provides such data in quality?


Feel free to visit my blog post: we-vibe 4 plus (lolatoys.com: http://lolatoys.com/es/we-vibe-4-plus.html)
Citeer
 
 
#10 Onbestendigheid ; een ooggetuige-vers lag.Guest 29-01-2015 02:46
What a stuff of un-ambiguity and preserveness of valuable know-how regarding unpredicted emotions.


My blog ... online sex
shop: http://lolatoys.com
Citeer
 
 
#9 Onbestendigheid ; een ooggetuige-vers lag.Guest 21-11-2014 04:46
Wow, wonderful blog layout! ʜow long have yоu been blogging for?

you madе blogging looҝ easy. The overall loօk օf yօur website is
excellent, ɑs well as the content!

Alѕo visit mʏ web ƿage ... https://www.rebelmouse.com/ingainer/; mlab.test.quoni c.net: http://mlab.test.quonic.net/wiki/green-tea-some-advantages-specific-drink,
Citeer
 
 
#8 Onbestendigheid ; een ooggetuige-vers lag.Guest 17-07-2014 10:39
Hello there! This blog post couldn't bee written much better!

Reading through this article reminds me of my previokus roommate!
He always keptt preaching about this. I will
send this information to him. Pretty sure he'll
have a good read. Thanks for sharing!

Feel free to surf to my blog: psn gratuit: http://www.telechargerdes.com/210/generateur-de-code-psn-gratuit/
Citeer
 
 
#7 Onbestendigheid ; een ooggetuige-vers lagGhislaine Engelhardt 06-09-2012 12:01
Geweldig de manier waarop je in staat bent dit te delen... door anderen zo te helpen verzamelt je vader zeker weten ook krachten!
Citeer
 
 
#6 lijdenDaniel Hake 04-09-2012 07:47
Man jouw verhaal brengt bij mij veel terug. Ik zat 4 jaar geleden ook in zo'n familiekamer toen mijn vrouw op de ic lag met een hartritmestoorn is. De gevoelens die je beschrijft ken ik maar al te goed. Ze heeft het gered, maar de behandeling en de nasleep daarvan hebben ons beide diep getekend. Je vader wordt niet meer de oude, en jij ook niet, omdat jullie de dood in de ogen hebben gekeken. Dat verwerken vereist heel veel aandacht en mededogen. Van elkaar als familie en van professionals. Niet voor niets is mindfulness populair bij psychologen. Het revalidatiecent rum heeft wonderen gedaan voor ons, dat raad ik jullie (ook partner vd patient) erg aan.
Ik wens jou en je familie veel kracht en liefde toe. En zorg goed voor jezelf
Citeer
 
 
#5 RE: Onbestendigheid ; een ooggetuige-vers lag.Kees Dullemond 03-09-2012 19:06
Wat ontroerend verhaal, Kees. Zit hier met een brok in mijn keel. Het geeft ons het besef dat we zo dankbaar moeten zijn voor het leven, van onszelf en dat van onze naasten (en niet naasten) . Mijn schoonvader overkwam bijna hetzelfde begin juli, ze hebben hem nog geopereerd, maar hij heeft het niet gered.
We zijn zo kwetsbaar. Geef je pa een dikke hug.
Groet
Kees
Citeer
 
 
#4 MooiTanya Wielinga 03-09-2012 17:20
Heel mooi geschreven Kees. Zelfs als zou ik geen een van alle mensen genoemd in je blog gekend hebben dan had ik het nog heel aangrijpend gevonden. Fijn dat je zo'n ingrijpende gebeurtenis van je af kan schrijven en kan delen met anderen.
Ik hoop dat je vader weer heel snel de oude is!
Citeer
 
 
#3 RE: Onbestendigheid ; een ooggetuige-vers lag.Daisy 03-09-2012 10:14
Mooi geschreven Kees! Gelukkig is hij er nog :) sterke man!!!
Citeer
 
 
#2 sterkteAlberthe Papma 03-09-2012 08:55
Dag Kees, dank voor dit persoonlijke verhaal. Het raakt me. Ik heb zelf net een aantal verdrietige en moeilijke dagen achter de rug; mijn zus van slechts 50 jaar is heel plotseling overleden. Het is verdrietig en onwerkelijk om - na mijn ouders -ineens weer een vertrouwd deel van mijn eigen geschiedenis te zien verdwijnen. Het leven maakt rare sprongen en dan is de wereld ineens heel klein en het besef van de dood heel groot. Jouw vader heeft het gelukkig gered, koester hem!
Citeer
 

Plaats reactie

Beveiligingscode
Vernieuwen